In Sint‑Oedenrode worden in de 15e‑16e eeuw verschillende vermeldingen gevonden van personen die “van Liemde” heten. Zo krijgt een Janne van Liemde in 1494‑1495 het poortersrecht van Sint‑Oedenrode.
123.7.3.2
NIEUWE REKENING van Jan Monick schout van Peelland op basis van een bezegelde commissiebrief uit 1494 [er wordt geen dag genoemd] over de periode 16 oktober 1494 nadat Jan van Schynvelt afstand heeft gedaan en uit zijn functie is gezet tot en met Sint Jansmisse 1495, gevolgd door de muntwaarden en deze rekening is gepresenteerd door Ghise Nysoen/Nyspen [dubieus] aan het hof te Brussel op 19 januari 1495
123.7.3.7
Janne van Liemde, Janne Jans Posteleynss. en Willem van Bleckers die te Sint Oedenrode poorter zijn geworden
123.7.1.1 [erg donker] (ca. 1493 – datering ontbreekt bij Henk Beijers)
Janne van der Santvoert
Henric Jansen van Lyempde
123.10.5.4
NIEUWE REKENING van Janne Monick schout van Peelland volgens zijn commissiebrief van 14 oktober 1494 over de periode Kerstmis 1505 tot en met Kerstmis 1508 gevolgd door de muntwaarden volgens de gangbare koers welke rekening is gepresenteerd te Brussel door de schout zelf op 9 september 1509
SINT OEDENRODE
123.10.5.5
Henrick Boeykens trok een mes tegen Henrick Brock
Aert van der Laeck tegen Janne den Schoemeker
Goyaert van Zantvoert in een vonnis tegen Meester Henrick den Scholaster
Mes lambrechtss. tegen Dierick van Lieshout
Heyn Willemss. van Sichen en Peeter Henrics Peeterss. van Liemde tegen Mathijs van Herenthom
Thijs van Herenthom tegen Aert van Liemde
Aert van Liemde is ingeboden (ref. Henk Beijers archiefcollectie)
Welke verbinding er eventueel bestaat tussen bovengenoemde personen en de twee stamlijnen die te St. Oedenrode gevonden zijn, zal wellicht nog blijken.
Onderstaande stamlijn St. Oedenrode (1) begint met personen die als “Rovers”, “Jacobs” enz. worden aangeduid, dus met patroniemen: zoon van Rover, resp. zoon van Jacob.
Vanaf de vierde generatie, Jan Willem Jan Jacobs, wordt de aanduiding “van Liempt” of “van Liemde” erbij gebruikt, om reden die nog niet geheel opgehelderd is. Wel is duidelijk dat Jan’s vader Willem Jan Jacobs, die in Olland woonde, veel met Liempde (m.n. Casteren) te maken had. Bij de doop van Jan op 22-4-1608 is Huijbert Mathijssen “van Liempde”, de molenaar van de watermolen van Casteren, peetvader.
De tak van Jan Willem Jan Jacobs is zo de familie‑achternaam “van Liempt” gaan voeren. Een andere tak, van Hendrik Jan Jacobs, heeft de familienaam “Rovers” gehouden.
> Zie onder stam Oirschot voor een Rover Janssen van Liempt, genoemd in 1547.